coup jolink?

door Hans Jansen

(In dit artikel geeft Hans Jansen een toelichting op de diagrammen 9 t/m 12, zoals geplaatst op de website. –redactie)

diagram 9

Diagram 9 is na 9 zetten uit de aanvangsstand te herleiden. Wat de meest plausibele zettenvolgorde is zou een punt van discussie kunnen zijn. En discussie met veel spelplezier. Na 10.47-42? 11-16 kan wit weliswaar een gratis dam nemen met 28-23, 32-27, 38x9, 37-32 en 33x2, maar na 40-45 2-7 12-17 7-12 16-21 neemt zwart die dam ook weer gratis af. 10.48-42 11-16 Zwart kan niet rommelen met 21-27 en 19-24 enz. 11.28-23 18x40 12.39-34 40x29 13.33x24 20x29 14.32-27 21x32 15.38x20 15x24 16.25-20 24x15 17.37-32 26x39 18.44x22.

diagram 10

Diagram 10. Vanuit de aanvangsstand kan deze positie ontstaan na de volgende zetten: 1.33-29 17-22 2.31-26 11-17 3.37-31 6-11 4.31-27 22x31 5.26x37 Toine Brouwers heeft dit vaak met wit gespeeld volgens Turbo Dambase. Ook Georgiev speelt dit wel eens, zoals tegen Tsjizjow. Wat volgt na 5.26x37 is fantasie, maar niet helemaal onlogisch. 5…20-25 6.32-28 Om de twee om twee na 14-20 of 15-20 in de stand te brengen. 6…18-22 7.39-33 15-20 Een romantische zet. 8.44-39 19-24 9.36-31 16-21 10.31-26 21-27 11.29-23 13-19 12.34-29 27-31 En diagram 10 is bereikt. 13.26-21 blijft gelijk evenals 13.41-36 25-30, 20-25, 8-13, 13x22, 9x29, 22x35 en zwart staat niet slecht. 13.38-32 1-6 14.41-36 verliest zelfs drie schijven voor wit na 25-20, 20-25, 8-13 enz. 13.50-44 zet na 11-16 ook geen zoden aan de dijk: 14.41-36 22-27 en zwart komt tot 27-32 omdat zwart na 15.37-32 dam haalt op 50 met 25-30-34, 17-22 en 19x50 (op 15.38-32 volgt die zettenreeks ook met 17-22 voorafgegaan door 16-21). Wel winnend is 13.49-44 na bijvoorbeeld 13…22-27 14.41-36 (14.37-32 levert niet het gewenste resultaat op) en op de volgende zet 37-32 (14…27-32 verliest na 15.38x27 en 16.26-21 een schijf). Diagram 10 illustreert het ervaringsgegeven van de partijspeler dat het vaak eenvoudiger is om een combinatie te zien dan om te zien dat er geen tegencombinaties zijn –vooral als er meerdere relevante varianten zijn.

diagram 11

Diagram 11 zal ik niet herleiden tot de aanvangsstand. Zwart heeft 7 ½ tempo voorsprong en dreigt met 18-22 terwijl 29-23, 28-22, 43x3 beantwoord wordt met 13-19, 11x22, 19-23 en 24x42! Na 1.27-22 18x27 2.31x22 is 12-18 weliswaar verhinderd, maar na 2…19-23 3.28x30 25x23 kan wit niet meer winnen. Hoe komt wit in het voordeel?: 1.29-23 18x29 2.35-30 25x34 (na 24x35 33x15 moet wit groot tot winnend voordeel hebben of gewonnen staan, maar omdat dit moeilijk te bewijzen is, heb ik niet gevraagd naar winst voor wit maar naar zijn beste zet) 3.28-23 19x39 4.27-22 17x28 5.32x23 29x18 6.38-33 39x28 7.31-27 21x32 8.37-31 26x37 9.43-38 32x43 10.48x17 11x22 11.41x1 met winst. Er is sprake van eengevers en verwisselbaarheid van zetten, maar voor partijspelers is het verrassend dat er überhaupt een dam naar 1 inzit.

diagram 12

In diagram 12 wint 1.32-28 23x32 2.29-23 18x47 3.34-30 25x43 4.49x20 47-36 5.46-41 36x47 6.20-15 47x20 7.15x24.

Ik moet hierbij aantekenen dat het aantal partijcomposities aanzienlijk is. Ik heb veel, maar natuurlijk niet alles gezien. Het gevoel: “Dit zou een echte partij kunnen zijn”, is belangrijk.

diagram 13

Om de combinatie waarmee het allemaal begonnen is nog eens in herinnering te brengen een positie uit een partij Baudet-Raphael uit het einde van de 19e eeuw (zie diagram 13). Raphael verzuimde de Coup Raphael met 17-22, 23-28, 14-20, 1-7 (of 2-7), 7x40 en 3x41. Raphael vervolgde 27…14-20 28.25x14 9x20 29.30-25 4-9 30.25x14 9x20 en wit kon een soort (vergeeft u mij) Coup Jolink uitvoeren. Hij deed dat niet meteen, maar wel later in de partij.

diagram 14

Een andere existentiële vraag als het om componeren van damproblemen gaat is of het een proces van scheppen of ontdekken is. Als het waar is dat het ontdekken een zwaarder accent heeft bij partijproblematiek, dan is de volgende stand (diagram 14) daarvoor illustratief. De positie is uit een partij Bizot-Dambrun (eveneens eind 19e eeuw). Volgens de gegevens kwamen de spelers remise overeen. Meer dan 100 jaar later ontdekte ik hier de winst. Ben ik de eerste? Bizot kon in deze stand winnen met (alleen de hoofdvarianten): 14-23 35-49 2-16 49-44 23-45 44-49 12-7 49-35 (op 49-44 volgt 16-11 44x6 50-45 –een finesse die voortdurend een rol speelt) 7-2 35-44 45-40 44x35 16-49 met winst.

 

   
© dammagazine hoofdlijn